Christen Unie Verkiezingsprogramma 2006 De verslaafde medemens laat je niet in de steek
Drugs
Het Nederlandse gedoogbeleid voor softdrugs heeft tot een bizarre constructie geleid. Volgens de wet is de handel in cannabis verboden, maar ‘coffeeshops’ worden in alle openheid gedoogd, met alle gevolgen van dien (‘achterdeurprobleem’, zolderplantages, criminaliteit). Inmiddels is overduidelijk dat het gedoogbeleid softdrugs niet uit de sfeer van de criminaliteit heeft kunnen halen, maar druggebruikers samen met burgers die overlast ervaren juist in de kou heeft laten staan. De leeftijd waarop jongeren kennis maken met softdrugs is verontrustend laag: 7% van de 13-jarigen heeft softdrugs gebruikt. Het aantal cannabiscliënten in de verslavingszorg neemt toe. Bij jongeren gaat cannabisgebruik gepaard met hersenbeschadiging, agressief en delinquent gedrag en met schoolproblemen. Al die jongere en oudere verslaafden hebben ouders of andere familieleden die met hen slachtoffer zijn van hun verslaving. Het gedoogbeleid ondermijnt de samenleving. Door softdrugs te gedogen maakt de overheid zich mede verantwoordelijk voor een gebruikerscultuur waarvan de zwakken in onze samenleving de dupe zijn. Gebruik van harddrugs zoals heroïne en cocaïne gaat gepaard met ontluistering van de mens. De gebruiker is afhankelijk van de drugs geworden. Een overheid die niet ingrijpt, laat mensen moedwillig de vernieling ingaan. Ook veroorzaken gebruikers veel overlast. Een duidelijk afsprakenkader met gemeenten, scherpere vervolgingsrichtlijnen en intensivering van verplichtende afkickprogramma’s is geboden. Het drugsbeleid verdraagt geen ‘dubbele boodschappen’.
Duidelijkheid in het drugsbeleid:
- Een einde aan het gedogen. De hoge THC-gehaltes in nederwiet vormen hiertoe een reden te meer. Coffeeshops en growshops worden gesloten. Voor kleinschalige (huis)teelt wordt geen uitzondering gemaakt.
- Hogere straffen voor grootschalige drugshandel. Het overgrote deel van de georganiseerde criminaliteit in ons land bestaat immers uit (soft)drugshandel.
- Partydrugs als XTC als harddrug behandelen. Dit betekent een consequente opsporing en vervolging van de verkoop en het bezit van XTC, in het bijzonder bij uitgaansgelegenheden en dance-festijnen.
- Richt verslavingszorg op afkicken. Ook bij methadonprogramma’s. Het op medische indicatie verstrekken van heroïne is niet de aangewezen weg. Proefprojecten met gratis verstrekking van harddrugs zoals cocaïne en heroïne zijn onacceptabel.
- Help verslaafden aan een menswaardig bestaan. Hoogwaardige verslavingszorg is mede gericht op arbeidsrehabilitatie en reïntegratie, evenals experimenten met meer verplichtende vormen van afkicken.
Alcohol, tabak, gokverslaving
Het aantal alcoholverslaafden en probleemdrinkers overtreft het aantal drugsgebruikers veruit. Alcoholmisbruik neemt toe, vooral onder jongeren tussen de 12 en de 14 jaar. Twee op de vijf jongens en één op de tien meisjes drinkt teveel alcohol. Het aantal alcoholgerelateerde ongelukken is groot. De hersenschade die jongeren door overmatig alcoholgebruik oplopen, wordt pas na hun 24e merkbaar. Ook hier geldt dat mensen – en zeker jongeren – soms tegen zichzelf in bescherming genomen moeten worden. Alcoholgebruik wordt ontmoedigd en overmatig alcoholgebruik bestreden met voorlichting en strikte handhaving van regels.
Het aantal gokverslaafden daalde tussen 1994 en 2003.
Helaas is er nu weer sprake van een stijging. Dit vraagt
dan ook om voortzetting en intensivering van een beleid
waarin preventie en ontmoediging van gokken en een
krachtige aanpak van de uitwassen speerpunten zijn.
Tabakgebruik is ingeburgerd, maar vormt wel degelijk
een groot gevaar voor de volksgezondheid. Het ontmoedigingsbeleid
voor tabak wordt voortgezet en geïntensiveerd.
Preventie en voorlichting, met name gericht op
jongeren, blijven belangrijk.
- De accijnzen op alcoholhoudende dranken worden verhoogd. De leeftijdsgrens voor lichtalcoholische dranken wordt verhoogd naar achttien jaar. Aan de leeftijdsgrenzen wordt streng de hand gehouden. Houders van horecagelegenheden zijn mede aansprakelijk voor de gevolgen van overmatig drankgebruik in hun gelegenheid.
- De zogenaamde gemaksdrankjes, zoals breezers, worden niet langer verkocht in de supermarkt, maar alleen in slijterijen.
- Casino’s worden verboden. Reclame voor gok- en kansspelen wordt met kracht tegengegaan. Op naleving van leeftijdsgrenzen voor zogenaamde ‘amusementshallen’ behoort nauwgezet te worden toegezien. De staatsloterij en andere grote loterijen worden afgeschaft.
- Gemeenten dienen de beleidsvrijheid te krijgen om ook in de ‘natte horeca’ kansspelautomaten te weren (zgn. 000 optie).
- Beperking van de tabaksreclame, onder andere door buitenreclame uitsluitend bij verkooppunten toe te staan; hogere accijnzen en beperking van het aantal verkooppunten zijn de speerpunten van een consequent tabaksontmoedigingsbeleid. Het rookverbod in overheidsgebouwen en voor het publiek toegankelijke ruimten wordt strikt gehandhaafd.